Ontwikkeling lokale lastendruk
A. Onroerendezaak belastingen
In de Begroting is rekening gehouden met een trendmatige verhoging van de opbrengst van de onroerendezaakbelastingen van 1,5 %. Zoals bekend zijn de tarieven (en de ontwikkelingen hierin) direct gekoppeld aan de waarde van de woningen. In de Begroting 2017 is een tariefsverhoging OZB bepaald op basis van de woningwaarden per 1 januari 2015, terwijl feitelijk de waardebepaling per 1 januari 2016 van toepassing is. Na de taxatieronde bleek per 1 januari 2016 voor woningen sprake te zijn van een waardestijging, en voor niet-woningen was sprake van een gemiddelde waardedaling ten opzichte van de situatie per 1 januari 2015.
Voor het kunnen realiseren van de begrote opbrengststijging van 1,5% (het budgettaire kader) bleek daarom voor woningen een tariefsverlaging, en voor niet-woningen een tariefsverhoging noodzakelijk.
De tarieven voor 2017 zijn, rekening houdend met de tariefsaanpassingen in december 2016, raadsbesluit nummer 84, vastgesteld op:
- Eigenaren woningen: 0,114% (2016: 0,117%), daling afgerond 2%.
- Eigenaren niet-woningen: 0,134% (2016: 0,127%), stijging afgerond 6%.
- Gebruikers niet-woningen: 0,169% (2016: 0,160%), stijging afgerond 6%.
Het totaal aan opbrengsten OZB in 2017 bedraagt € 5.580.000. Dit is vrijwel conform het begrote bedrag € 5.587.000. De werkelijke opbrengst in 2016 bedroeg € 5.507.000. Er is ten opzichte van vorig jaar derhalve sprake van een opbrengststijging van € 73.000. Dit komt overeen met een procentuele stijging van 1,3%.
